banner

Over ons

Historie van Philips en Lighting

Een eeuw innovatie bij Philips Lighting

1891

De Nederlandse werktuigkundig ingenieur Gerard Philips start de productie van kooldraadlampen in een voormalige lederwarenfabriek in Eindhoven.

Tot zijn eerste belangrijke klanten behoorden toenmalige elektriciteitsbedrijven die de levering van lampen hadden opgenomen in hun stroomvoorzieningscontracten. Deze bedrijven stellen hoge eisen aan de productkwaliteit, die daarom door de prille onderneming streng wordt gecontroleerd.



1908

Een jaar na zijn introductie op de wereldmarkt, start Philips de productie van lampen met wolfraamdraad. In 1913 wordt de succesvolle gasgevulde "halfwatt"-lamp met wolfraamspiraal gelanceerd, in 1915 gevolgd door de kleinere "Arga"-lamp. "We hebben een lamp voor elke toepassing" is in die dagen de leus. In deze periode groeit de onderneming uit tot een wereldwijd, marktgericht concern.



Met de beschikbaarheid van een groot aantal lamptypen wordt het kiezen van de juiste lamp voor de juiste toepassing een zaak voor specialisten. Daarom opent Philips in 1931 's werelds eerste Lighting Design and Consultancy Centre.



1932

Uitgebreid onderzoek door Philips vormt de basis voor de introductie van revolutionaire nieuwe lamptypes, waaronder de lagedruknatrium (SOX)-lamp. Met deze lamp wordt wegverlichting op grote schaal economisch uitvoerbaar.



1933

De "Bi-Arlita"-lamp. De eerste moderne dubbelspiraaldraadlamp voor algemene verlichtingstoepassingen wordt wereldwijd geïntroduceerd.



1934

De hogedrukkwik- of HO-lamp. Twee belangrijke doorbraken door Philips, namelijk een manier om de wolfraamdraden in te smelten in kwarts en een nieuw fluorescerend poeder, opent de weg naar de productie van deze lamp op industriële schaal.



1938

Philips introduceert de revolutionaire superhogedruk-kwiklamp. Deze compacte hoge-intensiteitslichtbron wordt enthousiast begroet als vervanging voor de ongemakkelijke koolbooglamp in bioscoopprojectors. 1938 is ook het jaar waarin de fluorescentielamp wordt gelanceerd. Ook hier speelt Philips een pioniersrol.



1950

In de jaren na de tweede wereldoorlog wordt de nadruk verlegd naar innovatieve verlichting. "Het juiste licht op de juiste plaats" wordt het devies. Productinnovatie is niet meer het enige doel; de nadruk komt ook te liggen op de noodzaak een optimaal verlichte omgeving te creëren. Philips gaat met succes de uitdaging aan het publiek voor te lichten op het gebied van verlichtingsbewustzijn.



1964

Door gebruik te maken van een niet-agressieve halogeenverbinding in plaats van het zuivere element, opent Philips-onderzoek de weg naar grootschalige industriële productie van halogeengloeilampen. Twee jaar later introduceert Philips als eerste een koudlichtlamp voor projectiedoeleinden, met een koudlichtspiegel direct op de wand van de ballon. Zo wordt een groot deel van de bijbehorende warmtebelasting uit de lichtbundel verwijderd.



1973

Philips-wetenschappers ontdekken de smallebandfosforen die een revolutie inluiden op het gebied van fluorescentielamptechnologie. Er kunnen nu lampen worden geproduceerd met een veel hogere lichtopbrengst per watt, in combinatie met zeer goede kleureigenschappen. Dit betekent een sterke opleving in een periode waarin de aandacht voor energiebesparing snel toeneemt.

Bovendien zullen deze fosforen vanwege hun weerstand tegen hoge stralingsbelastingen een cruciale rol spelen in de latere ontwikkeling van de compacte fluorescentielamp (CFL) in al zijn vormen.



1978

Philips speelt een leidende rol in de overschakeling van de fluorescentielamp met een diameter van 38 mm naar lampen met een diameter van 26 mm. De eerste HF-fluorescentielampen met elektronische vsa's worden op de markt geïntroduceerd.



1980

Dankzij nieuwe fosforen met een superieur gedrag onder hoge stralingsbelastingen wordt miniaturisatie van de fluorescentielamp mogelijk. Philips introduceert als eerste compacte fluorescentielampen met een smalle buis: de SL*-lamp in 1980 en de PL-lamp in 1981.



1986

Op de drempel van een nieuwe eeuw zet Philips de ontwikkeling voort van kleine, veelzijdige en zuinige lichtbronnen. In 1986 wordt de "White SON"-lamp geïntroduceerd. Met zijn uitstekende kleureigenschappen biedt deze warm-witte, compacte hogedruknatriumlamp nieuwe mogelijkheden op het gebied van decoratieve en productpresentatieverlichting.



1988

Philips presenteert zijn revolutionair schijnwerpersysteem "ArenaVision" en introduceert daarmee nieuwe normen op het gebied van stadionverlichting van topklasse.



1991

De allereerste, via inductie door een HF-generator gevoede fluorescentielamp zonder elektroden wordt geïntroduceerd in 1991, het jaar van Philips' honderdjarig bestaan. QL-inductielampen hebben een levensduur tot 100.000 uur.



1994

De Mastercolour (CDM)-lamp, die in dit jaar door Philips werd geïntroduceerd, vormt een belangrijke doorbraak, vooral voor verlichting van winkels en productpresentaties. Mastercolour maakt een eind aan de nadelen van conventionele halogeenmetaallampen, die bekend staan om hun gebrek aan kleuruniformiteit en grote kleurverschuivingen tijdens hun levensduur.



1995

Het T5-systeem, met een dunne fluorescentiebuis van slechts 16 mm in doorsnee, biedt een aanzienlijke verlaging van de totale exploitatiekosten en een grote besparing op energie en materialen. Dankzij hun kleine formaat bieden deze lampen een veel grotere vrijheid en flexibiliteit in de vormgeving van optieken en armaturen.

Introductie van de UHP (Ultra High Power)-lamp voor dataprojectie (beamers).

Introductie van MPXL (Micro Power Xenon Light)-autolampen, die meer dan tweemaal zoveel licht geven als conventionele halogeenlampen bij een 30 procent lager energieverbruik, wat bijdraagt aan een grotere veiligheid en meer rijcomfort.



1997

Volledig recyclebare TL-fluorescentielampen



1998

In de VS biedt Halogena met zijn unieke vorm de consument witter licht en een levensduur die ongeveer driemaal zo lang is als die van normale gloeilampen.



1999

Led's: 'solid-state' automobiel-, signalerings- en straatverlichting, ontwikkeld en op de markt gebracht onder de met Lumileds uitgebreide joint venture met Agilent Technologies (voorheen een onderdeel van Hewlett-Packard).



2001

Introductie van HyperVision-signaleringslampen (in de Mercedes E-klasse), die even lang meegaan als de totale levensduur van de auto.



2002

Verder verbeterde versie van de UHP (Ultra High Performance)-lamp, momenteel het toonaangevende product voor digitale dataprojectie door middel van beamers aangesloten op pc's en voor grootbeeldprojectie-tv's.

Introductie van Lumileds' Luxeon-led's, 's werelds helderste led's met de langste levensduur.

LEDline voor gekleurde strijkverlichting.



2003

2-in-1 nachtlampje, dat led-technologie voor orientatiedoeleinden combineert met een spaarlamp die een zacht, wit licht geeft.

LED String voor decoratieve en signaleringstoepassingen.

XenEco-autolamp, waarmee nieuwe normen worden geïntroduceerd betreffende het gebruik van milieuvriendelijke materialen, met behoud van de vertrouwde Xenon-voordelen.